'Het verhaal achter het portret'
/

 

Toelichting bij Cursus II, periode 1800-2000 

De negentiende en twintigste eeuw vormen een apart cursusonderdeel. De eeuwenoude traditionele vormen van kunstopleidingen en kunstbeoefening werden in de negentiende eeuw niet langer zondemeer geaccepteerd. Kunstenaars zochten ruimte en ontwikkelden nieuwe beeldvormen en technieken. 'Kunst omwille van de kunst' werd daarbij hun uitgangspunt. Deze ontwikkelingen moeten mede gezien worden in het licht van een veranderende samenleving. De negentiende eeuwse Europese gemeenschap van landen en volken was flink in beroering in politiek, sociaal, economisch en cultureel opzicht.

De portretkunst heeft in de loop van de negentiende eeuw ook ingrijpende veranderingen ondergaan. De neo-klassieken keken graag terug op de technieken van hun grote voorgangers. De romantici keken op hun nostalgische manier naar de wereld om zich heen en de realisten stonden met beide benen op de grond en toonden weer een heel andere kant van de maatschappij. De grote ommekeer kwam halverwege de eeuw. Naast dat de fotografie rol ging spelen in de portretkunst kwam het impressionisme op gang en daarmee werd definitief de moderne tijd ingeluid. Dat ging niet zonder slag of stoot. De nieuwe schilderstijl werd aanvankelijk afgewezen door publiek en critici, maar tegen het eind van de eeuw volgden acceptatie en steeds meer waardering. De portretschilderkunst toont een eigen gezicht binnen alle veranderingen in de beeldende kunsten.

In de twintigste eeuw volgen de expressionistische stijlen elkaar in hoog tempo op, ook in de portretkunst. Het wordt daardoor steeds moeilijker om alle voorkomende varianten ´in hokjes´ te plaatsen.

Ervaar al deze veranderingen in de portretkunst in dit deze tweede cursus. Met name voor (amateur)portretschilders is het een bron van inspiratie omdat schilders uit deze periode het dichtst bij onze belevingswereld staan.